Hoogbegaafde medewerker: lastig of LUSTig?

Door: Jan Goorissen, Lisette ter Heerdt

Er was eens een koning die richting zocht voor zijn rijk. Hij riep zijn volk op om uit hun midden een mens af te vaardigen die zijn koningsraad zou kunnen versterken. Nu was er meisje in een klein dorp dat al heel jong alle boeken gelezen had en overal een mening over had. Dat vonden de mensen erg lastig en ze besloten haar af te vaardigen om van haar bevrijd te zijn…

Het meisje kwam bij de koning, keek even rond en zei toen: “Ik wil alleen deelnemen aan uw raad als u aan het hoofd komt zitten van een ronde tafel.” En de koning wist dat dit een uitdaging ging worden…

Voor dit artikel gebruiken we een paar uitgangspunten die voor ons relevant zijn als denkmodel voor het omgaan met begaafde werknemers.

Twee hoofdproducten
Het eerste uitgangspunt is dat een organisatie twee hoofdproducten levert:

  1. het product dat aan de buitenwereld wordt verkocht (bijvoorbeeld accountantsdiensten of stansmachines).
  2. Het product dat het bedrijf aan zichzelf levert. Dit zogenaamde interne product is van vitaal belang voor de ontwikkeling, groei en levensvatbaarheid van een bedrijf. Bij levende organismen bestaat dit interne product uit zelfverzorging: voeding, kennisverwerving, rust, afscheiding, zorg voor een gezonde omgeving… In zeker opzicht is een organisatie wel te vergelijken met een levend organisme. De sociale omgeving, leermogelijkheden, bedrijfsvoering en het bewust omgaan met de dynamiek van interne processen bepalen kleur en kwaliteit van dit interne product. Dit tweede aspect speelt een belangrijke rol in het omgaan met XI- of HB-werknemers.

De koning en zijn staf
Het tweede uitgangspunt is het gebruik van het archetypische ‘koningsmodel’ ten behoeve van het interne product; een organisatie wordt bestuurd door een ‘koning’, vaak de eigenaar of CEO. Die is eindverantwoordelijk en neemt beslissingen na overleg met zijn staf: een raadspensionaris, een maarschalk, een hogepriester, een magiër en een nar.

Dit vijftal representeert de volgende aspecten in de ontwikkeling van bewustzijn, macht en  handelingsbekwaamheid:

  1. De raadspensionaris (of grootvizier of minister-president) vertegenwoordigt de wet en beheert het geld.
  2. De maarschalk representeert de daadkracht, de strategie en de stootkracht.
  3. De hogepriester beheert de moraal en de inbedding in ‘algemeen geldende principes’.
  4. De magiër representeert het vermogen om groeisprongen te maken, ineens doorbrekende inzichten, onbegrijpelijke wendingen in het werkproces;.
  5. De nar smeert het werkproces door speelse inkijkjes, wijzend op vastgelopen, stagnerende gewoontes, eigenwijzigheden en onverwachte inzichten in de rollen die mensen binnen het bedrijf spelen.

    De Verteller
    Deze vijf plus de koning zijn allen nodig voor een gezonde besluitvorming.

Het is wellicht nuttig om te weten dat die ‘rollen’ niet vastgeklonken zijn aan personen. Daarom is het nuttig om met een scherp oog steeds te kijken naar wie welke rol ‘op zich neemt’.

Hier komt de hoogbegaafde werknemer om de hoek piepen. Door de vaak op hoog niveau functionerende waarnemingsvaardigheden kan hij of zij als procesbewaker de rol vervullen van ‘verteller’ die achteraf weergeeft wat er in het proces gebeurde en welke kwaliteiten wel/niet aan bod gekomen zijn.

De Magiër
Wat nu te doen, als manager, werkgever, personeelschef of anderszins verantwoordelijke?


Een voorbeeld: een biologe/wiskundige (Keisha) met buitengewone mogelijkheden wordt door een innovatielab gevraagd om managementvergaderingen bij te wonen. Inhoudelijk kan Keisha geen bijdrage leveren, maar zij neemt heel scherp waar wat wel wordt gezegd/bedoeld en wat niet.

Zij bespeurt latente kennis en andere vormen van latentie bij de aanzittenden en na de vergadering(en) wordt haar door de ‘koning’ gevraagd: “Wat heb je waargenomen?

Keisha geeft dan uitgebreide impressies van de zichtbare en de onderliggende fenomenen, latente kennis, etc.

Omdat Keisha ‘verder’ kijkt dan de meeste anderen. kunnen met haar informatie processprongen worden gemaakt, die anders veel meer tijd en geld zouden kosten.

De leidinggevende heeft in deze setting de wijsheid gehad Keisha te selecteren als ‘antropoloog’ die het ‘water’ waarneemt waarin de vissen zwemmen. In het koningsmodel is dat een magiërrol.

Er zijn echter meerdere rollen mogelijk en de leidinggevende zal zorgvuldig moeten zijn in het kiezen van de precieze functie voor de hoogbegaafde medewerker.

Ongeleid projectiel?

Lastig of LUSTig is een vraag die een belangrijk keuzemoment inhoudt. Het zou best kunnen zijn dat de betreffende hb-er een ongeleid projectiel is, die zichzelf absoluut niet kent of in de hand kan houden. Dat is lastig!

De ‘koning’ dient zich dan af te vragen (of counseling in te roepen) of de betreffende werknemer ‘leerpotentieel’ heeft. Het kan best zijn dat deze werknemer eerst zelf nog door een leerproces moet gaan voordat zijn capaciteiten kunnen bloeien.

De werkgever mag leren hoe deze besluitvorming op een gezonde wijze tot stand komt en of/wanneer zo’n werknemer geen zinvolle bijdrage kan leveren aan het bedrijf. Er is geen standaardantwoord lijkt ons.


De Mentor
In voorkomende gevallen kan het zeer nuttig zijn om een Mentor aan te stellen die dit proces en de werknemer begeleidt.

Voor de werknemer is het van groot belang dat men zijn mogelijkheden serieus neemt en dat hij als adviseur/procesbewaker/nar etc. is vrijgesteld van hiërarchische normeringen: het moet veilig zijn om een afwijkende mening of afwijkend inzicht naar voren te brengen.

Als er een onveilige cultuur binnen het bedrijf bestaat (bijna altijd een gekwetste-ego-kwestie) dan heeft de hb-er daar niets te zoeken. Het zou kunnen zijn dat een aangestelde Mentor bij de directie terechtkomt met de vraag of deze ook zichzelf wil betrekken in het leerproces van de organisatie: als de manager niet wil leren kan hij eigenlijk niet leiding geven.
Veelbelovende last
Wat kun je verwachten als de kans krijgen hb-ers zo te mogen functioneren? Verrassingen!

Hoe complexer en gelaagder een organisatie is, hoe groter de verrassingen kunnen zijn.

Een eenvoudig productiebedrijf dat tamelijk ongedifferentieerd werkt aan een extern product kan door de werkzaamheid van een hb-er tot differentiatie komen. Het kan in richtingen gaan groeien die leuk verbazend zijn. Het kan het bedrijf steviger, veelzijdiger en gezonder maken.

In een grote en complexe organisatie kan deze werkzaamheid leiden tot integratie bij een uit de hand gelopen differentiatie en tot verhoogde ontwikkelingsefficiëntie.

In ieder geval leidt het vaststellen van een veelbelovende ‘last’ binnen het bedrijf tot een onderzoek. Samen met de hb-er wordt onderzocht wat die aan latente mogelijkheden voor het bedrijf in zich draagt. En samen met een eventuele mentor wordt gekeken naar de mogelijkheden, wenselijkheden en noodzakelijkheden om de capaciteiten van de hb-er in een vruchtbare vorm in te passen.

Zo transformeert uw lastige maar veelbelovende werknemers tot een lust voor uw organisatie. Uw organisatie krijgt de kans om intenser te gaan leven.

Het Huis van Marco Polo: Lisette ter Heerdt en Jan Goorissen zijn coach en mentor voor XI-mensen die willen leren alleen, samen en voor de wereld betekenisvol te zijn. www.huisvanmarcopolo.nl

HB en EGO

HB en EGO

Het zou fijn zijn om te weten wat ego is, dat besef van er te zijn met de begeleidende gevoelens van waardering, hoop, afkeuring, zelfhaat en euforie….

We beschouwen het als een construct in ontwikkeling dat het vermogen heeft zichzelf steeds te presenteren alsof het ‘al af’ is.

Met dat presenteren bemoeilijkt ego het zicht op je eigen persoonlijke werkelijkheid die er toch meer zou uitzien als een haveloos bandje in een ondergrondse garage met weinig licht en teveel geluid, met hoop op beter. Dit in plaats van de veronderstelde ereplek op het feestdiner van de oppergod.

Wat nu?

Is het echt zo slecht gesteld met jou? Mmmm, nee hoor, maar als ego niet genoeg en voortdurend intens bevestigd wordt dan presenteert het zich als een wrak dat in een natte grot leeft en de overblijfselen van wat anderen over hebben moet eten. Kortom, een teruggetrokken zielenpoot. Ego heeft ons erg vaak aan het lijntje, en wij, wij zijn de enthousiaste maar ietwat suffe honden. Zo kunnen we een heel leven doorsnuffelen op zoek naar zin en bevrijding, en ego mikt wat kluiven in ons bakje; kluiven die ruiken naar vrijheid.

Wij hebben oplossing! (zei ego tegen me).

Nee, een makkelijke oplossing van deze spagaat lijkt er niet te zijn, wel een rigoureuze maar langdurige.

Volgens de publiciste Karen Armstrong zijn mensen al vele duizenden jaren geleden begonnen met het ontwikkelen van methodes en levenswijzen om het egoprobleem aan te pakken.

In een zich ontwikkelende beschaving differentieert de bevolking zich en gaan mensen specifieke vaardigheden ontwikkelen die niet direct nut hebben voor de stam, dorp, groep. Een van deze differentiaties is het pad van de innerlijke ontwikkeling, het pad van bewustzijn. Ego en bewust zijn kun je beschouwen als tegenpolen, waarbij de wens om te ontstijgen aan de bipolaire egodwang een positieve motor is, en het ego de stem van de twijfelaar, de neen-zegger.

De hoogbegaafde staat vaak voor een moeilijke klus, want deze merkt ook wel dat sommige dingen beter verlopen dan bij anderen. Het egoconstruct fluistert ons dan een opgezwollen borst in, of juist een bevel om toch maar vooral ‘normaal’ te doen. In dit geval leidt normaliteit tot innerlijk verval, en de hoog geheven trotse borst tot sociaal isolement.

Eenzaamheid leidt tot het scheppen van een individualiteit en dit draagt ego als een buidelkind met zich mee, een buidelkind dat uitgroeit tot een tirannieke stem in je tamelijk onbewuste Zijn.

Eigenlijk is Zijn ruimte… bewuste, geladen, creatieve en levenslustige ruimte. Het gaan verkeren in je ruimte is gebleken voor velen een angstwekkende ervaring te zijn… want ruimte is leeg, en leegte is een veeg teken en een bedreigende situatie (voor ego).

Ego is als het ware de tweede identificatie. De eerste is het huis van de ouders, de tweede is wie je gelooft zelf te zijn. De derde identificatie is juist het loslaten van identificatie, van hechting aan het vaste en het zekere. Daar kruipt angst in je systeem van zijn, want wie ben je nog zonder een vast identificatiepunt?

In het boek ‘gesprek met de engelen’ schrijft auteur Gitta Mallasz: ‘Alleen de eenzamen hebben namen…’ namen zijn in zekere zin identificatiemodellen. De taak is dus om naamvrij te worden.

Wijsheidsleraren door de tijden heen hebben hun leerlingen steeds methoden aangereikt om tot desidentificatie te komen, onthechting. Wijsheid en geluk zijn geen bereikbare doelen maar ontstaan ‘vanzelf’ in de ruimte van het tot besef komende bewustzijn. Er ontstaat Vervulling. Niet Invulling.

Ego is nauw verbonden met het rationele vermogen, stuurt de analyse aan, is de scherprechter van de twijfel, de verdoemer van alternatieve denkbeelden, en is als zodanig ongeschikt om op zichzelf te reflecteren. De ratio als kenmiddel is polair -het één of het ander- en hoogstens driehoekig, als in de dialectische kennismotor. De ruimte is uiteraard tenminste drie dimensies. Niet zozeer een matrix als wel een Continuüm. Dit Continuüm is datgene dat Buckminster Fuller ‘Universe’ noemde. In het Huis van Marco Polo gebruiken we het beeld van de koepel (dome) als voorstellingsbeeld voor het 3D bewustzijn. Het is tevens het uitgangspunt voor het werk in het Huis.

Waarschijnlijk hebben veel lezers hier al het punt bereikt van degene die een Ikea-kast in elkaar moeten zetten en zien dat er schroefjes ontbreken. Hoe moet je deze klus klaren?

Het kant-en-klare antwoord is natuurlijk om een betere kast te kopen, maar het meest waarschijnlijke is dat een Marco Polo-achtige reis vereist is om hier verder mee te komen. De hoogbegaafde is hier niet persé in het voordeel omdat die vaak gewend is aan leerSPRONGEN, in plaats van een incrementeel verwerven, en dan pas te kunnen springen. Om stapje voor stapje verder te komen is geduld nodig, vaak niet de meest voor de hand liggende eigenschap van de hoogbegaafde. Hier komen de begeleiders tevoorschijn, de ‘groeibuddies’ die in werkelijkheid geduldleraren zijn. Dus het juiste tempo kiezen, geduld oefenen, en ondertussen klaarwakker blijven…. Er zijn er die voor minder de handdoek in de ring hebben gegooid. Taak is om het vliegende en steigerende, schoppende paard van ego te tomen, en te leren in jouw dienst te werken. Dat intomen werkt als een katalysator en maakt dat het proces ook vreugdevol kan zijn.

Een manier om dat paard bij de manen te vatten en een toom aan te binden is het zorgvuldig invullen van ons reflectiemodel. Als je een mailtje stuurt naar huisvanmarcopolo@gmail.com dan sturen we het wachtwoord. Invullen kost een aantal uren, omdat je op een ruimtelijk manier naar je eigen gedrag, verschijning en zelfkennis moet kijken.

Fijn dat je tot hier hebt doorgelezen. Als je een poging wilt wagen klik dan op de mail-link of kom naar een huiskameravond. Meteen deelnemen aan een werkplaats mag natuurlijk ook.